Mijn zoon van zeven, ligt in bed en vraagt of ik nog even blijf om wat te praten... Dus ik krul me zo goed en kwaad als ik kan naast 'm op tachtig cm breed, half onder zijn Scooby Doo dekbed.
"Mam", zegt ie, "Ik wil later zwerver worden"
"Huh?", is mijn eerste reactie en ik moet er natuurlijk stiekum wel een beetje om lachen.
"Nou", zeg ik, "als je groot bent, moet je dat maar eens uitproberen dan...". "Als je het niet leuk vindt, kun je altijd weer hier terug komen". Ik vertel hem dat hij dan niet meer zo'n lekker bedje heeft als waar hij nu in ligt, maar zo snel geeft hij het niet op!
"Má-ham, weet jij een goeie plek"? "Een goeie plek, voor wat"? "Nou ...óm te zwerven"! (Van binnen begeef ik het bijna van het lachen nu...)
"Misschien kun je gewoon hier thuis zwerven", opper ik. "Van de schuur tot de gang en van de kelder tot Lieke haar kamer en van de zolder naar de keuken bijvoorbeeld"
"Mam, jij hebt toch en tent?" "Ja", antwoord ik, "hoezo?" "Nou dan neem ik die gewoon mee en dan eet ik uit vuilnisbakken". "Ooh, maar je mag je tent niet zomaar overal neerzetten 's nachts," zeg ik, in Nederland zijn ze heel streng wat dat betreft". "Dan krijg je misschien wel een bekeuring".
...Ik zie 'm nadenken! "Maar dan blijf ik liever hier wel in de straat", zegt Felbe. " Als ze me dan pakken dan ben ik zo weer thuis"
|